Vorige week werd bekend gemaakt dat ‘me’ in plaats van ‘mijn’ het stomste woord van 2015 is. Ruim 30 procent van het aantal stemmen ging uit naar dit kleine, maar irritante woordje. Om je geheugen nog even op te frissen: ‘me’ wordt hier gebruikt als bezittelijk voornaamwoord. Zinnen als: ‘me vriend houdt van auto’s’ en ‘me moeder heeft dit gekocht’, moeten natuurlijk gewoon met ‘mijn’ beginnen. Deze ergernis van veel mensen heeft er toe geleid dat ze dit woord in 2016 niet meer willen horen. Kortom: ze krijgen er kriebels van.

In gesproken taal komt het vaak voor dat mensen, omdat het gemakkelijker is, zinnen korter uitspreken. Maar omdat er bij veel publicaties op internet geen rekening wordt gehouden met het verschil tussen de gesproken en geschreven versie van ‘me’ is het niet duidelijk wat nu precies zo erg is aan het gebruik ervan. In dit geval is ‘me’ een goed voorbeeld dat de scheiding tussen gesproken en geschreven taal steeds meer vervaagt. Doordat we tegenwoordig veel mailen, Whatsappen, Facebooken, Twitteren, schrijven we meer dan ooit, en is het dus ook lastiger onderscheid te maken tussen gesproken en geschreven taal. Want waar trek je de grens? Wat mag in spreektaal geschreven worden en wat niet? Je gebruikt het in gesprekken, je whatsappt het naar elkaar, maar wanneer je een sollicitatiebrief of paper schrijft is het fout? Ja, helaas wel! Taalkundigen beweren dat in de toekomst ‘die meisje’ en ‘me vriend’ wel eens correct zouden kunnen worden. Hierbij vergeten ze dan wel te melden dat het handig is om de op dit moment geldende regels wel toe te passen, omdat je anders wel eens heel raar over kan komen.

Als het aan mij ligt moeten mensen niet zo hard oordelen over een woord dat we zelf (misschien wel onbewust) dagelijks gebruiken. Immers praten en schrijven we over 50 jaar wellicht allemaal over ‘me moeder’. Maar voor nu houden we het nog eventjes op ‘mijn’!