We kwamen haar tegen op alumnidag ‘Ik twitter dus ik besta’ van De Dante Connectie en Kweek. Ze heeft namelijk hier in Tilburg Taalwetenschap gestudeerd. Daarnaast is ze thuis in marketingcommunicatie en in sociale media. Dat laatste benut ze binnen haar eigen onderneming, Elroco. Ook is ze communicatieadviseur bij de Nederlandse Taalunie. Een interessante combinatie die een paar vragen oplevert!

Je werkt als communicatieadviseur bij de Nederlandse Taalunie. Wat houdt die functie precies in?

Ik doe veel verschillende dingen. Zo werk ik mee aan de restyling van de website Taalunieversum, waarbij ik verantwoordelijk ben voor het op te zetten corporate deel van de website. Ook het online magazine Taalschrift valt onder mijn hoede. Dat wordt eveneens vernieuwd. Daarnaast ben ik betrokken bij de realisatie van een website voor jongeren, die gelanceerd zal worden tijdens de feestelijkheden rond het dertigjarig bestaan van de Taalunie in november. En ik ondersteun het team dat zich richt op het werkveld onderwijs.

Het bedenken van (web)concepten, overleggen met collega’s en externe partijen, het schrijven van kopij, het organiseren van evenementen en het monitoren van relevante informatie voor de Taalunie op het web zijn voorbeelden van wat ik concreet op een dag doe. En het geven van advies voor het gebruik van sociale media doe ik gevraagd en ongevraagd!

Dat doe je ook met Elroco: bekijken wat digitale en sociale media kunnen betekenen voor organisaties. Kun je een voorbeeld geven van wat je al gedaan hebt? En… waar haal je de tijd vandaan i.c.m. werk bij de Taalunie?

Om te beginnen met de tijd: dat is een uitdaging. Ik werk vier dagen per week en ben nog niet zo lang geleden bij de Taalunie begonnen, dus mijn zzp-activiteiten heb ik de afgelopen maanden bewust op een heel laag pitje gezet. Ook toen ik nog bij SURFnet werkte, runde ik Elroco naast mijn vaste baan. Dat houdt eenvoudigweg in dat de opdrachten die ik heb gedaan niet heel erg omvangrijk zijn.

Ik heb onder andere eenpitters geholpen met hun eerste stappen online. Daarbij gaf ik vooral advies over de kanalen die nuttig zijn om in te zetten. Een paardencoach zoekt immers een ander publiek dan een online vintage winkel. Indien nodig maakte ik ook een eerste website, maar dat was dan echt alleen een eerste stap. Mijn kracht ligt vooral in mijn kennis van de mogelijkheden van verschillende kanalen en het nut dat die kanalen voor een specifieke doelgroep hebben.

Ik brainstorm graag met kleine tot middelgrote organisaties over de inzet van sociale media en wijs ze in de goede richting om ideeën om te zetten in concrete acties. En daarbij geef ik ook aan hoe die acties ‘gemonitord’ kunnen worden.

Hoe sluit je taalwetenschappelijke studie aan op je werk? Waar heb je voordeel van?

Het werkterrein van de Nederlandse Taalunie heeft natuurlijk een duidelijke link met mijn studie. Linde van den Bosch, de Algemeen Secretaris, heeft zelfs ook in Tilburg gestudeerd. Hoewel ik vakinhoudelijk wat van mijn opleiding ben afgedwaald, kan ik eenvoudig meepraten met mijn collega’s over een breed scala aan onderwerpen en ik heb een goed beeld van waar iedereen mee bezig is.

Een belangrijke les is wat mij betreft dat het afronden van een studie niet betekent dat je bent uitgestudeerd. En ik merk nu dat er bij mijn opleiding op veel vlakken toch een begin is gemaakt, waarop ik nu nog steeds voortborduur. Zo heb ik bij een bijvak dat ik volgde bij Hans van Driel geleerd hoe ik in HTML een website kon bouwen. Destijds leek me dat gewoon leuk, maar ik heb nu nog regelmatig plezier van die kennis.

Hoe zie je de toekomst van sociale media? Zie je de opmars doorgaan?

Dat die opmars doorgaat, lijkt me welhaast een gegeven. Maar de ontwikkelingen gaan nu nog alle kanten op. Of die nieuwe media zoals we ze nu kennen in dezelfde vorm overleven weet ik niet, maar – om Twitter als voorbeeld te nemen – micoblogging zal in welke vorm dan ook niet snel verdwijnen. En een kanaal als Second Life, dat nu toch veel minder groot is dan veel mensen een paar jaar geleden verwachtten, zou zomaar weer een opleving kunnen krijgen.

Maar dan moet er wel een toepassing zijn die maatschappelijk relevant is, waardoor er zinnige investeringen kunnen worden gedaan. Ik denk dat Second Life namelijk een voorbeeld is van een kanaal waar veel bedrijven groots op hebben ingezet, zonder dat echt duidelijk was wat voor hen de meerwaarde was. Weggegooid geld wil ik het niet noemen, want ook teleurstellingen zijn leermomenten, maar het was voor veel bedrijven wel een dure les.

Studenten Communicatie- en Informatiewetenschappen komen, zoals je weet, hoofdzakelijk in aanraking met theorie (tenzij ze lid zijn van Kweek, natuurlijk). Hoe komen we beslagen ten ijs in de praktijk? Hoe deed je dat zelf?

Ik zei het tijdens de alumnidag nog tegen iemand: “Ik had gewild dat er zoiets als Kweek was toen ik studeerde.” En (met een knipoog) dat is geen slijmerij! Op een stage en een enkele praktijkopdracht na, was tien jaar geleden weinig mogelijkheid om te ruiken aan iets als het ondernemerschap. Dat heb ik me destijds niet zo gerealiseerd, maar nu ik met een eigen bedrijfje ben begonnen en zie wat daarbij komt kijken, denk ik dat het niet verkeerd was geweest als ik in een veilige omgeving in elk geval de basics had geleerd.

Zelf heb ik tot nu toe steeds de zekerheid van een vaste baan gehad, dus ik kan de tijd nemen om het ondernemerschap onder de knie te krijgen en te zijner tijd zelf te kiezen of het wel of niet voor mij is weggelegd, en of ik zoiets in mijn eentje of liever met een compagnon wil doen. Ik praat veel met zzp’ers en ondernemers in kleine bedrijven en neem de tijd om de kunst af te kijken. Daarbij zet ik uiteraard ook social media in, met name Twitter, blogs en LinkedIn. Voorlopig vind ik de combinatie van een vaste baan en eigen opdrachten erg leuk. Binnenkort start ik weer met een opdrachtje voor Elroco, dus ik ga het vuurtje weer wat opstoken!

Je kunt de werkzaamheden van Elise volgen op Twitter! En natuurlijk is het magazine Taalschrift zeer de moeite waard.